Zaterdag: heenreis
's Ochtends vroeg om 06:00 uur zijn we aangereden richting het oosten. Door een klein navigatiefoutje aan mijn zijde reden we al vrij vlot in Duitsland in de verkeerde richting. Onze TomTom, die nog wel Duitsland had, rekende vervolgens een alternatieve route uit via Hannover naar Dresden. Een beetje een omweg om van Eindhoven naar Praag te rijden, maar goed.
Omdat TomTom zo lekker coöperatief was in de week voor vertek, hadden we lekker geen kaart van Oost Europa op ons navigatiesysteem. We moesten het dus doen met wat papier en kaart van Tsjechië. Gelukkig stonden de Europese snelwegnummers goed aangegeven op de snelwegen zodra we Duitsland uit waren, dus het was relatief eenvoudig om in een gat als Téptin te komen. Alleen bij Jesenice leken we de verkeerde kant uit te rijden, een paar vriendelijke mensen bij een tankstation aldaar wisten wezen ons de juiste richting.
Precies twaalf uur na vertrek waren we aangekomen bij het huisje in Téptin, een klein dorpje dat zo'n 20 kilometer zuidelijk van Praag ligt. Een klein huisje in een rustige omgeving, waar de nodige trofeeën van wild ons aankeken vanaf de muren in de huiskamer. Bovendien werd de serene rust rondom ons huisje ietwat verstoord zodra we de kraan open zetten. Voor iedere paar liter moesten we het tergende gebrul aanhoren van de waterpomp die in de kelder het water naar boven haalde. Niet echt ideaal, maar het went.
Zondag: rustdag
Vandaag een beetje rustig aan gedaan. We hebben de buurtsuper van Téptin eens verkend, dat op zondagochtend gewoon open is (eigenlijk zijn zowat alle winkels op zondag open in Tsjechië, lijkt het). Het was een kleine donkere en rommelige supermarkt waar ze de gebruikelijke levensmiddelen en huishoudartikelen hebben. Bovendien kan je er ook (zeer modieuze) truien kopen en nog wat speelgoed.
In de middag waren we naar Praag gereden om te kijken waar we de auto kwijt konden voor als we het centrum gingen verkennen aankomende week. We reden door Kamenice en Jesenice om zo in het zuiden van Praag te belanden. Na een beetje kaartlezen kwamen we bij Budějovická uit, een kantorencomplex en winkelcentrum. Daar was parkeergelegenheid en een metrostation, en de buurt zag er wel OK uit.
Nog even een wandelingetje gemaakt in de buurt, maar tussen al die moderne gebouwen schuilen toch wel de handelsmerken van Oost Europa: grauwe flatgebouwen. We zijn richting metrostation Pánkrac gelopen en toen weer terug naar de auto.
Op de terugweg deden we nog boodschappen bij een grote supermarkt vlakbij Jesenice. Deze supermarkt had een opvallende naam tussen al het Slavische dat je om je heen ziet: Albert. Dit blijkt dus een AHOLD-bedrijf te zijn, een Oost Europees zusje van de oerhollandse Albert Heijn. Het assortiment is heel ruim, maar menig manager uit het Westen zou de helft van z'n personeel ontslagen hebben als die daar moest werken. Zelden hebben we een caissière zo vuil zien kijken als het vrouwtje dat onze producten moet scannen. We leken haar nogal abrupt te storen terwijl ze haar tijdschrift aan het lezen was.
's Avonds proberen te barbecuen, maar dat lukte niet echt omdat het brandhout en de kolen wat vochtig bleken te zijn. Jammer, we moesten in de keuken van één vierkante meter dan maar wat improviseren om toch wat eten binnen te krijgen.
Maandag: op naar Praag
Vandaag konden we dan eindelijk de stad bewonderen waar iedereen altijd zo lyrisch over gedaan heeft. We parkeerden de auto weer bij metrostation Budějovická, waar we gisteren de buurt een beetje verkend hadden. Van daaruit pakten we lijn C van de metro naar Muzeum.
De eerste indruk toen we de trappen waren opgelopen van het metrostation waren goed. We kwamen op een imposant uitziend plein uit, met het gigantische Nationaal Museum achter ons. Dit was het Wenceslausplein, het grootste plein van Europa. Op de een of andere manier moest ik aan het Damrak denken in Amsterdam, alleen is het Damrak maar een druk steegje vergeleken met dit plein.
We hebben het plein niet helemaal tot het einde afgelopen, maar zijn voortijdig afgeslagen richting een Joodse kerk aan de Jindřišská. Daarna via de toren Prašná Braná naar het bekendste plein van Praag gelopen: Staroměstské náměstí (Oudestadsplein). Op dat moment barstte de hemel open en om niet al te nat te worden vluchtten we snel een terrasje op van een Italiaans restaurant bij de ingang van de Týnkerk.
Toen het droog was konden we het plein fatsoenlijk bezichtigen. Twee indrukwekkend uitziende kerken, waarvan de Týnkerk wel iets heel onheilspellends uitstraalt met z'n twee spitse torens. Daarnaast nog het astronomisch uurwerk en de oude stadstoren. We hebben de stadstoren rond een uur of 2 beklommen. Naar beneden kijkend zagen we honderden mensen voor het astronomisch uurwerk staan, afwachtend wat er klokslag twee uur gaat gebeuren. We snapten niet helemaal wat voor schouwspel zoveel mensen rechtvaardigde, en al helemaal niet dat er
geapplaudiseerd werd voor wat gepingel. Twee uur later stonden we zelf beneden, en ik moet zeggen dat het iets van een anti-climax weghad. Wat handwerkpoppetjes die voorbij schoven aan twee geopende luikjes. M'n verbazing voor het applaus werd nu nog groter.
We hebben ook nog aan de oever van de Moldau gestruind, waar verschillende rondvaartboten langsvaarden en aanmeerden. Aan de overkant was Malá Strana te zien, het zag er fotogeniek uit. Maar we besloten de overkant een andere dag te bezichtigen.
's Avonds hebben we op een rustig plein een restaurant uitgekozen, waar nog zowaar vriendelijke bediening te bespeuren was. Het bestaat dus wel degelijk in Tsjechië.
Dinsdag: Karlštejn
Vandaag geen Praag. We gingen naar Karlštejn, een kasteel waar Karel IV ooit zijn kroonjuwelen bewaarde. Dit kasteel ligt zo'n 20 kilometer ten zuiden van Praag. Wederom dankzij TomTom konden we geen rechtstreekse route plannen richting het kasteel (de wegenkaart die we hadden was niet zo verschrikkelijk gedetailleerd). Dus we moesten eerst 20 kilometer naar Praag rijden, de snelweg pakken om weer 20 kilometer zuidwaarts te gaan en dan nog zo'n 15 kilometer over heuvelweggetjes. Wel een mooi landschap overigens, in de omgeving van het kasteel.
Het dorpje dat bij het kasteel ligt was best toeristisch. En wanneer je al eens eerder in het Luxemburgse Vianden bent geweest, zal dit plaatsje je zeker een déjà vu bezorgen. Wanneer je het kasteel wil bezichtigen moet je veel terrasjes en souvenirwinkeltjes weerstaan wil je bij de ingang komen (of je gaat halverwege het dorp een rustige en nietszeggende weg in dat uiteindelijk ook bij het kasteel uitkomt).
Het kasteel zelf is alleen te bezichtigen met rondleidingen. Deze worden in verschillende talen gegeven, dus je hoeft geen brei aan Tsjechisch aan te horen om te weten wie die mensen op de schilderijen zijn. Verschillende zalen werden getoond, waar Karel IV sliep, woonde en werkte. Bijvoorbeeld de troonzaal: er waren ramen links en rechts van de troon. Diegenen die Karel IV bezochten werden er door verblind en konden Karels gezicht amper zien, terwijl Karel zijn bezoekers juist prima kon observeren. Subtiel, maar het zal zeker effectief geweest zijn.
Het kasteel zelf is van binnen wat kaal. Er hangen wel veel schilderijen van allerlei personen die iets met de geschiedenis van het kasteel te doen hebben. Bovendien waren er nog wat kunststukken te zien, maar het meest kostbare stuk bleek uiteindelijk niet zo kostbaar te zijn. De kroon met alle juwelen bleek een replica te zijn, de echte kroon zou in Praag zelf te bewonderen zijn.
Als je het kasteel uit bent heeft het dorp verder niet heel veel meer te bieden (tenzij je verzot bent op souveniertjes).
Woensdag: Praag; de andere kant van de Moldau
Toen we maandag langs de oever van de Moldau liepen, zag Malá Strana aan de overkant er heel aantrekkelijk uit. De Oude Stad was al heel indrukwekkend, het zal toch niet zo zijn dat de overkant net zo indrukwekkend zal zijn?
We begonnen onze tocht bij metrostation Malstranská, het eerste station van lijn A aan de overkant van de rivier.
We zijn toch maar even de dichtstbijzijnde brug overgestoken, de Mánesův most en langs de kade richting de Karelsbrug gelopen. Het krioelde er van de toeristen, tekenaars en hier en daar een verloren groepje muzikanten. Helaas werden er werkzaamheden verricht op sommige plaatsen, zodat bepaalde delen van de brug bedekt waren door steigers.
Vervolgens kwamen we dus uit in het lager gelegen gedeelte van Malá Strana. We kwamen na wat lopen uit bij de paleistuinen. Om de heuvel te beklimmen moest er entree betaald worden. We besloten dan maar iets verder door te lopen en via de Staré zámecké schody naar boven te lopen. Van daar had je prachtig uitzicht over de stad.
We zijn het paleis op de heuvel niet ingegaan, maar zijn er langs af gelopen. We kwamen daarna bij de Sint-Vituskathedraal uit. We moesten wel even in de rij staan om er binnen te mogen. Het is spijtig, maar na het bezoeken van de Sint-Pietersbasiliek in het Vaticaan afgelopen juli maakt geen enkele kerk meer zoveel indruk. Toch was dit niet te vergelijken met de Sint-Pietersbasiliek, dit was een compleet andere stijl.
Na het bezoek aan de Sint-Vituskathedraal zijn we richting de Petřín-toren gelopen. Het was even klimmen maar dan heb je wederom weer een geweldig uitzicht over heel Praag. De toren, een 'miniatuur' van de Eiffeltoren, was 60 meter hoog. Maar omdat deze bovenop een heuvel staat is het uiteindelijk ongeveer dezelfde hoogte als de echte Eiffeltoren.
Aangezien we heel wat metertjes geklommen hebben gedurende de dag, was nu het moment om al die meters weer af te dalen. Eenmaal terug aangekomen op de zelfde hoogte als de Moldau, hebben we op een plein vlak bij de Karelsbrug een terrasje gepakt en zijn daarna weer naar de Oude Stad gelopen om daar bij een Italiaans restaurant te gaan eten. Een mooie afsluiting van een mooie dag.
Donderdag: Kutná Hora
Vandaag geen Praag: maar naar een dorp wat ooit net zo groot was als Praag: Kutná Hora. Het dorp, dat zo'n 70 kilometer ten oosten van Praag ligt, heeft een rijke geschiedenis achter de rug omdat hier ooit zilver is gevonden.
Bij aankomst gingen we naar het grote plein in het dorp, waar wat terrasjes waren. We vergaapten ons aan de hoeveelheid Russen, Oekraïeners en Aziaten die met een gids door het dorp liepen. Zo ver weg van Praag en nog steeds zoveel zwermen toeristen.
Na het terras was het tijd om het dorp eens te gaan verkennen. We liepen richting de St. Barbarakathedraal. De bouwstijl van de kerk had ook iets onheilspellends, zulke torens had ik nog nooit eerder gezien. Helaas stond deze kerk ook weer half in de steigers, wat wel wat afdeed aan het speciale van deze kerk.
We zijn nog verder gelopen door het dorp, waar we nog de stenen fontein tegenkwamen en de kerk van Sint Jan Nepomuk.
Vrijdag: Pils!
Op de laatste dag dat we iets in Tsjechië konden bezoeken gingen we naar Pilsen (of Plzeň), naar de brouwerij waar het (ietwat bittere) bier Pilsner Urquell wordt gebrouwen.
Het terrein straalt wel iets ambachtelijks uit. Achterin zie je de brouwerij staan en nog verder achterin een watertoren. De rondleiding, die in het Engels gegeven werd, begon vanuit het bezoekerscentrum. Je wordt al meteen een busje ingeduwd om daarmee naar de andere kant van het terrein te rijden. In een ultramoderne hal kan je zien hoe de flessen schoongemaakt, gescand en hervuld worden met duizelingwekkende snelheden.
Wanneer dat is bekeken gaan we weer terug het busje in om terug te gaan naar waar we begonnen, bij de oude brouwerij. Je krijgt een video te zien (eigenlijk gewoon een lange commercial), en je maakt kennis met het brouwproces. Je krijgt dan de oude koperen ketels te zien die nog tot voor kort zijn gebruikt, en daarna de huidige installatie waarin het bier gebrouwen wordt.
Vervolgens gaat de tour ondergronds, naar het koude gangenstelsel onder de brouwerij. Hier werd het bier voorheen opgeslagen, 40 dagen lang om het brouwproces te voltooien. Deze gangen worden momenteel niet meer gebruikt, het massaproductiebier wordt elders opgeslagen. Er staat nog wel een aantal vaten bier voor de bezoekers en de brouwmeesters. Bovendien werd dat bier vers getapt en dat smaakte een stuk beter dan de supermarktversie. En daarmee kwam de tour tot z'n eind.
Zaterdag: terug naar huis
Het zit er weer op, tijd om naar huis te gaan. In plaats van twaalf uur hebben we er nu tien uur over gedaan om in Eindhoven te komen, maar het blijft nog steeds een lange zit. Duitsland is toch groter dan ik dacht.
Uiteindelijk heeft Tsjechië heeft mijn verwachtingen overtroffen. Afgezien van de botte mensen is het een prachtig land om in te vertoeven. Praag heeft zoveel te bieden dat ik waarschijnlijk nog een keer terug moet om de rest te bekijken.
i'd love to read this story
i'd love to read this story in english....or even in russian....
Olga C.
There you go
http://www.bramschoenmakers.nl/prague